Het Gastenhuis  


Dit mens -zijn is een soort herberg: elke dag weer nieuw bezoek. 

Een vreugde, een depressie, een benauwdheid; Een flits van inzicht komt als een onverwachte gast. 

Verwelkom ze, ontvang ze allemaal gastvrij! Zelfs als er een menigte verdrietigheden binnenkomt die met geweld je hele huisraad kort en klein slaat. 


B ehandel dan elke gast toch met eerbied. Misschien komt hij de hele boel ontruimen om plaats te maken voor een nieuwe mogelijkheid… 


Wees blij met iedereen die langskomt.  

Zij zijn je stuk voor stuk gestuurd van gene zijde om jou als raadgevers te dienen. 

– Rumi

Hij stelt de goede vraag op het goede moment.   ‘Wanneer is je vermoeidheid begonnen?’ 

Natuurlijk had ik deze vraag al zo vaak aan mezelf gesteld, maar dit keer kwam het antwoord als een heldere gedachte binnen, onstuitbaar.  

‘Sinds ik iedereen om me heen verkering zag krijgen, gezinnetjes zag stichten, en ik het gevoel had in dat stuk te falen.’  De heftigheid van mijn tranen ontmaskert de lang verdrongen waarheid. 

‘Voor mij was dat niet weggelegd, de dynamiek stond er altijd als een grote vijand tussen. Toen lang geleden mijn relatie uitging met de man van wie ik dacht kinderen te krijgen, ben ik mijn vertrouwen kwijtgeraakt. Het vertrouwen in mijzelf en relaties. Sindsdien ben ik het niet meer aangegaan. Nooit meer echt. ’ ‘Vluchtrelaties,’ zegt de arts. ‘Zo kun je het noemen,’ zeg ik. ‘Toen heb ik mijn verlangen begraven en al mijn energie gestopt in het succesvol worden op andere gebieden, om mijn gemis maar niet te voelen. En nu de biologische klok ten einde loopt, moet ik definitief afscheid nemen van deze wens. ’ 

‘Het is nog mogelijk,’ zegt hij zacht, om mij nog een laatste restje hoop aan te reiken. 

‘Misschien,’ zeg ik tussen mijn tranen door, maar ik voel aan alles dat ik dit gemis aan te nemen heb. Alsof hier alle oude pijn bij elka ar komt. De rauwheid van mijn levenslot. 

Zijn vraag heeft het schild gebroken en mijn lang verdrongen verlangen mag het licht zien. Hoe pijnlijk ook, voor het eerst kan ik echt rouwen om mijn eigen wond.  

*** 

Als we eenmaal de stap hebben durven zetten van het loskomen uit de symbiose met de partner en de onderliggende symbiose met de getraumatiseerde ouder, komen we onvermijdelijk bij onze eigen wond. Hier ligt de grote uitdaging van de vierde stap uit de dynamiek: het werkelijk aannemen van de eigen wond. Het is de vroegkinderlijke wond die bloot komt te liggen als de afleiding van de symbiose wegvalt. Om de vierde stap te kunnen maken, moet je enerzijds rouwen om de oude kindpijn van gemis aan verbinding en gezonde symbiose, terwijl je anderzijds voor de uitdaging staat om alle onderdrukte gevoelens aan te nemen en vrij te maken.